Actueel
(For English: please scroll down)

Het is waar iedere historicus van droomt: het vinden van een oude bron!
Het boek leest als een film... Het begint op een mistige wintermorgen in Venetië en breidt zich vandaar uit naar Toscane, Rome en de Azuurblauwe zee van de Franse Provence, voordat het zwaartepunt verschuift naar België en Nederland. Daar gebeuren ongebruikelijke zaken rond de zoektocht naar een historisch document, het Evangelie van Simon. De volledig historisch verantwoorde inhoud daarvan blijkt voor de kerk zo gevaarlijk te zijn dat alles op alles wordt gezet om publicatie te verhinderen. De kern van het evangelie (een brief van een broer van Jezus aan de leider van de gemeente in Alexandrië) blijkt overeen te komen met de vroegste gedachten die leefden in het joodse christendom, de vroege gemeente van Jeruzalem, voordat deze uit elkaar geslagen werd tijdens de joodse opstand en de oorlog tegen de Romeinen. Deze vroegste christenen namen op hun vlucht naar het oosten geheimen mee, blijkt uit dit document. Geheimen over het leven van Jezus, die toen nog gezien werd als profeet en niet als God. Feiten over de inspirerende man uit Nazareth die wars was van organisatie (kerk), dogma’s, leerstellingen en andere theologische constructies, maar puur en zonder opsmuk tijdloze woorden sprak, die nog steeds het hart raken.
***************
Het graf van Jezus
Volgens de kerkelijke leer is Jezus met lichaam en al ten hemel gevaren. In het esoterisch en gnostisch christendom is dit altijd een buitengewoon vreemde gedachte geweest. Een spirituele opstanding ja! Maar een opstanding ‘in den vleze’, daar willen veel oude getuigen niet aan. Verhelderend is bijvoorbeeld het indrukwekkende geschrift ‘De verhandeling over de opstanding’ uit de Nag Hammadi-vondst (in de Jung-codex).
In het oudste christendom, het judese of joodse christendom is men nooit uitgegaan van een opstanding in het vlees. Bij de kruisdood van Jezus van Nazareth, beleed men daar, stierf de mens, maar niet ‘zijn’ kracht, de Logos (of: Christus-kracht); die werd werkzaam in zijn volgelingen.
En nu is daar ineens de ontdekking van het graf van Jezus. Met daarin zijn beenderenkistje. In een in 1980 blootgelegd graf is hij bijgezet, samen met zijn geliefde Maria Magdalena (Mariamme), hun beider zoon Juda, zijn broeder Jozef, zijn moeder Maria, met Mattheus en nog enkele anderen waarvan de namen (nog) niet bekend zijn.
Niemand wilde er in 1980 aan. Bouwvakkers stootten op een graf in de wijk Talpiot in Jeruzalem. Behalve een van de archeologen die het graf als eerste onderzocht, Jozef Gat. Hij legde direct een verband tussen de de namen die de ossuaria (beenderenkistjes) sierden. Dit was het familiegraf van Jezus. De man verkeerde in een heftig innerlijk conflict. Tussen de waarheid of de ontkenning. De waarheid vertellen zou hoogstwaarschijnlijk een nieuwe golf van anti-semitisme veroorzaken. De joodse man, opgegroeid in het verschrikkelijke Polen onder de Nazi-terreur, koos voor de ontkenning. Zijn weduwe koos tijdens het wetenschappelijk congres in Jeruzalem over de ontdekking van het graf, voor de waarheid. Hoe Da Vinci-code- achtig het verhaal ook lijkt, het is geen fictie maar realiteit. Een realiteit die verstrekkende gevolgen kan hebben voor het traditionele christelijk geloof. Dat verklaart waarschijnlijk ook de grote weerstand in de theologische wereld. Velen sloven zich uit om met ondeugdelijke en onhoudbare argumenten te roepen dat het allemaal onzin is.
Lees het boek Het graf van Jezus, bekijk de documenten, en oordeel zelf!
Een aantal documenten is te vinden op dsc.discovery.com.
De kwestie Maria Magdalena
Het belangrijkste argument tegen de aanname dat met de ontdekking van het graf in Talpiot in Jeruzalem het familiegraf van Jezus zou zijn ontdekt is wel dat de gevonden namen zo algemeen waren in de eerste eeuw dat je daar geen conclusies aan kunt verbinden. Dat is waar, maar de combinatie van die namen is nogal uitzonderlijk. De sleutel ligt bij de naam Mariamme. Op een van de ossuaria was de inscriptie aangebracht ´Mariamme e mara´. De makers van de documentaire over de ontdekking van het graf relateren de naam Mariamme aan Maria Magdalena. Ze doen dit op basis van een vierde eeuws apocrief manuscript, de ‘Handelingen van Filippus’. Dit argument werd (terecht) lek geprikt door critici. Dus als Mariamme niet Maria Magdalena was, kon iedereen weer rustig gaan slapen…
Toen ik echter met Willem Glaudemans in de jaren negentig bezig was met de integrale vertaling van de Nag Hammadi-geschriften in het Nederlands, kwamen wij de naam Mariamme nogal eens tegen. En inderdaad… ze was Maria Magdalena. Het betreffen hier teksten uit de eerste eeuw (en een papyrus uit begin tweede eeuw).
Bijlagen: mariamme DS1, mariamme DS2, mariamme GoM, mariamme SJC (.pdf)
Mara betekent zoiets als meesteres of lerares. In mijn boek over Maria Magdalena, De vrouw die Jezus liefhad, laat ik inderdaad zien dat de Magdaleense geen hoer was, zoals de kerkelijke traditie dat leerde, maar een apostola apostolorum, een apostel boven de apostelen. Zij onderwijst de andere apostelen over de diepere leringen van Jezus. Maar of dat op haar graf zou zijn gezet… Ik heb mijn twijfels.
Er zijn ook geleerden (paleografen) die de inscriptie niet ontcijferen als ‘Mariamme de lerareres (mara)’, maar als ‘Mariamme en Martha’. In mijn boek laat ik die mogelijkheid ook open. Ik vind het steeds waarschijnlijker dat Martha, een zus van Maria, is bijgezet in hetzelfde ossuarium. Dat kwam regelmatig voor in de eerste eeuw. Nader onderzoek op de beenderen zou dit kunnen uitwijzen.
DNA-onderzoek heeft inmiddels uitgewezen dat Jezus en Mariamme geen familierelatie hadden. Voor het huwelijk tussen die twee zijn meer dan voldoende aanwijzingen, waarvan een aantal in het Nieuwe Testament zelf! (zie mijn boek De vrouw die Jezus liefhad)
The tomb of Jesus
According to church doctrine, Jesus bodily ascended to heaven. In esoteric and Gnostic Christianity, this has always been a curious and strange idea. A spiritual resurrection, OK! But a resurrection in the flesh is an event many sources of old could not accept.. For instance, the writing "The Treatise on the Resurrection" from the Nag Hammadi Library (in the Jung Codex) is illuminating. In the oldest Christianity, the Judaic or Jewish Christianity, one never thought of a resurrection in the flesh. At the time of Jesus' death on the cross, people believed that the man died, but not his "power," the Logos (or Christ Power) which was active in his followers. And now, all of a sudden there is the discovery of Jesus' tomb containing his ossuary (bone box). He was buried in a tomb that was laid bare in 1980, together with his beloved Mary Magdalene (Mariamne), their son, Judah, his brother Joseph, his mother Mary, with Matthew and a few others whose names are not (yet) known.
In 1980, when builders stumbled on a tomb in the suburb Talpiot in Jerusalem, no one wanted to believe it with the exception of one of the archaeologists, who as one of the first to examine the tomb, Yosef Gat. He immediately made a connection between the names that appeared on the ossuaries. This was Jesus' family tomb. The man experienced an intense inner conflict between truth or denial. Telling the truth would probably engender a new wave of anti-Semitism. This Jewish man raised in Poland under the horrible Nazi terror, chose in favor of denial. However, his widow, during the scientific congress in Jerusalem, chose for the truth. No matter how much this may sound like the Da Vinci Code story, it is not fiction, but reality, and may have far-reaching consequences for the traditional Christian faith. This may explain the persistent opposition in the theological world. Many bend over backwards with inaccurate and untenable arguments to say that it is all nonsense.
Just read the book, view the documents and judge for yourself.
A number of documents may be found at dsc.discovery.com.
The Mary Magdalene Issue
The main argument against acceptance of the discovery of the Talpiot tomb in Jerusalem being the Jesus family tomb is the fact that the names found in there were so common during the first century, that no conclusion can be drawn from it. This is true, but the combination of those names is rather unique. The key is the name of Mariamne.
One ossuary showed the inscription "Mariamne e Mara." The makers of the documentary about the discovery of the tomb relate the name of Mariamne to Mary Magdalene. The reason for this is a fourth century manuscript, "The Gospel of Philip." This argument was (correctly) refuted by critics. Therefore, if Mariamne was not Mary Magdalene, the matter could be left to rest.
However, when, together with Willem Gaudemans, I was engaged in the integral translation of the Nag Hammadi Library into Dutch, we came across the name of Mariamne several times. We came to the conclusion that she was indeed Mary Magdalene. This concerns texts from the first century (and a papyrus from the beginning of the second century).
Appendices: mariamme DS1, mariamme DS2, mariamme GoM, mariamme SJC (.pdf)
Mara means something like teacher or instructor. In my book, De vrouw die Jezus liefhad (The Woman Jesus Loved), I showed that Mary Magdalene was no harlot, as used to be taught in church tradition, but apostola apostolorum, an apostle above the apostles. She instructed the other apostles about Jesus' deeper teachings. But whether that was put on her grave . . . I have my doubts. There are also scholars (paleographers) who do not translate the inscription as "Mariamne the teacher (mara), but as "Mariamne and Martha." In my book I leave that possibility open. I find it more and more likely that Martha, a sister of Mary, was buried in the same ossuary. This occurred regularly in the first century. Further examination of the bones could determine this. Meanwhile, a DNA test firmly established that Jesus and Mariamne had no familial relationship. There is more than sufficient evidence in favor of a marriage between those two. A good amount is found in the New Testament itself! (See my book De vrouw die Jezus liefhad - The Woman Jesus Loved).